Belangrijkste kenmerken van voederbietrassen, opgenomen op de Belgische rassencatalogus 1

Groep 1: voederbieten met een gemiddeld tot hoog gehalte aan droge stof

Rassen Jaar van
opname

Kleur
boven-
gronds
Ploïdie
2
Meeldauw
resistentie
(1-9)3
Cercospora
resistentie
(1-9)3
Roest
resistentie
(1-9)3
%DS
biet
DS-
opbrengst
bieten
(ton/ha)
Verse
opbrengst
bieten
(ton/ha)
Tarra (op verse stof) Tarra
(op droge stof)
Aandeel
vertakte
bieten
Schieter
resistentie
Rhizoctonia
tolerantie
BARTHA 1981 rood T 6,5 6,9 7,4 14,9 18 120 laag gemiddeld gemiddeld gemiddeld -
COLOSSE 2002 rood D 7,0 6,0 7,9 15,0 19 130 gemiddeld gemiddeld hoog gemiddeld laag
RIALTO 2008 rood T 6,0 7,4 6,9 15,5 19 122 gemiddeld gemiddeld gemiddeld
tot hoog
goed gemiddeld
tot hoog
BOLERO 1990 geel T 6,8 6,9 7,6 16,8 18 109 laag gemiddeld laag goed gemiddeld
RIBONDO 2002 oranje D 6,7 6,9 7,5 17,4 19 107 gemiddeld gemiddeld gemiddeld
tot hoog
goed gemiddeld

Groep 2: voederbieten met een hoog tot zeer hoog gehalte aan droge stof

Rassen Jaar van
opname

Kleur
boven-
gronds
Ploïdie
2
Meeldauw
resistentie
(1-9)3
Cercospora
resistentie
(1-9)3
Roest
resistentie
(1-9)3
%DS
biet
DS-
opbrengst
bieten
(ton/ha)
Verse
opbrengst
bieten
(ton/ha)
Tarra (op verse stof) Tarra
(op droge stof)
Aandeel
vertakte
bieten
Schieter
resistentie
Rhizoctonia
tolerantie
TARMINA KWS 2016 wit D 8,6 7,1 6,6 21,4 24 115 gemiddeld
tot hoog
gemiddeld hoog goed gemiddeld
GODIVA KWS 2016 wit D 8,4 6,7 6,3 22,4 23 103 gemiddeld
tot hoog
gemiddeld hoog goed gemiddeld

1 Overname van de volledige tabel uit de Belgische aanbevelende rassenlijst mits bronvermelding is toegestaan, namaak is verboden
2 D: diploïd, T: triploïd
3 Hoe hoger het cijfer, hoe beter

©Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) - - Contact
Vermenigvuldiging of overname van gegevens toegestaan mits duidelijke bronvermelding.