Pers en media

VILT - dinsdag 3 april 2018

Vlaams landbouwonderzoek ontgroeit de deeldisciplines

ILVO werd in 2017 omgedoopt tot het Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek. “Daarmee onderstrepen we dat ILVO onderzoek doet van in de grond tot op het bord”, schrijft administrateur-generaal Joris Relaes in de aanhef van het activiteitenverslag. In het najaar werd 85 jaar landbouwonderzoek en gewasveredeling gevierd. 2017 was ook het jaar van de nieuwe toekomstvisie waarin transdisciplinair onderzoek centraal staat. Op financieel vlak bracht 2017 meer succes bij het vinden van andere werkingsmiddelen dan die van de Vlaamse overheid.

Landbouwonderzoeksinstituut ILVO putte vorig jaar twee derde van zijn onderzoeksfinanciering uit eigen vermogen. De overige 34 procent betreft de basisdotatie van de Vlaamse overheid. Het jongste activiteitenverslag staat er bij stil dat de verhouding in 2014 nog 40-60 was. Het eigen vermogen wordt verworven via competitief onderzoek in binnen- en buitenland, via bedrijven en via betalende dienstverlening. Reeds 14 procent van de werkingsmiddelen komen van Europa door meer en grotere onderzoeksprojecten. Daar draagt de EU-cel binnen ILVO aan bij want zij verlenen ondersteuning aan onderzoekers die intekenen op EU-calls. Die procesmatige aanpak weerspiegelt zich in de cijfers.

In al de onderzoeksactiviteiten van ILVO staat voeding centraal en dat wordt voortaan ook weerspiegeld in de naam ‘Instituut voor Landbouw-, Visserij- en Voedingsonderzoek. De tijd dat onderzoekscentra studies opzetten vanuit een ivoren toren is voorbij. ILVO detecteert de noden en vragen van sectoren, bedrijven, overheid en samenleving. Het bedrijfsleven wordt nauw betrokken, onder meer bij de EIP-Agri focusgroepen. Experten samenbrengen in focusgroepen om een bepaalde onderzoeksvraag te tackelen, is een beproefde techniek in de industriële sectoren. Europa past het nu ook toe op de landbouwsector.

Ook in Vlaanderen zijn er dergelijke gemengde wetenschaps-bedrijfsnetwerken ontstaan in de agrofoodsector. ILVO is de motor van het innovatief bedrijvennetwerk rond smart farming. Zo’n bedrijvennetwerk is geen praatbarak maar een kans om expertise te bundelen om zeer gericht nieuwe business cases te ontwikkelen. De focus ligt op de output. Dat is in de gespecialiseerde dienstverlening door ILVO niet anders. In de Food Pilot zijn er bijvoorbeeld meer dan 23.500 analyses (+12%) en 332 pilootproeven (+13%) gebeurd voor 104 bedrijven, waarvan 43 nieuwe klanten. De limiet van de huidige onderzoekscapaciteit is bijna bereikt.

Het activiteitenverslag toont hoe divers het onderzoekspakket is, en hoe goed het aansluit bij maatschappelijke noden. Op vraag van de slachthuizen werkte ILVO een methode uit om op basis van varkensspeeksel te bepalen of er antibioticaresiduen zijn. Dat speeksel wordt handig verzameld door een stukje touw van natuurvezel in het hok van slachtrijpe varkens te hangen en dit vervolgens uit te knijpen en te analyseren. Een ander maatschappelijk thema dat veel media-aandacht genoot in 2017 is dierenwelzijn. ILVO ontwikkelde samen met Boerenbond een dierenwelzijnsscan die de veehouder op het eigen bedrijf kan toepassen.

Vorig jaar was er commotie rond de mogelijke effecten van intensieve veehouderij op de gezondheid van omwonenden. Vooral in de kustprovincie was daarover ongerustheid gerezen door een alarmerende studie van de West-Vlaamse Milieufederatie (WMF). In een aantal echte landbouwgemeenten is de kippen- en varkensstapel de laatste jaren flink gegroeid zodat WMF waarschuwde voor risico’s als fijn stof en resistentievorming van bacteriën. De provincie West-Vlaanderen gaf ILVO de opdracht om de verschillende effecten tegen het licht te houden. Er zijn een aantal gekende gezondheidsrisico’s zoals fijn stof en Q-koorts, maar de voornaamste vaststelling was toch dat veel risico's niet relevant of specifiek zijn en er meer onderzoek nodig is.

“Van 2017 blijft vooral het onderzoek bij naar de link veehouderij en gezondheid enerzijds, en landbouw en klimaat anderzijds”, vertelt ILVO-woordvoerder Greet Riebbels. In het klimaatonderzoek worden de effecten van landbouw op het klimaat bestudeerd, en omgekeerd ook de effecten van de klimaatverandering op de landbouw. Denk bijvoorbeeld aan nieuwe ziekten en plagen die hier hun opmars maken, of hittestress bij planten. Mits een aangepast ontwerp en beheer kunnen landbouwpercelen extreme weersomstandigheden helpen opvangen, waarbij de landbouwers dan vergoed worden voor de ‘klimaatdiensten’ die ze verlenen. Het ILVO-expertisecentrum Landbouw en Klimaat brengt experten uit verschillende vakdomeinen samen.

Dat expertisecentrum ziet Riebbels als een mooi voorbeeld van het transdisciplinair onderzoek dat vooropgesteld wordt in de toekomstvisie voor 2020. ILVO bouwt een aantal andere onderzoeksdomeinen uit als ‘living labs’, waar wetenschappelijke vragen over deeldisciplines geherformuleerd worden zodat het antwoord het totaalplaatje weergeeft. Precisielandbouw is zo’n voorbeeld van een living lab, wat er toe moet leiden dat Vlaamse bedrijven het economisch potentieel van de datarevolutie kunnen vastpakken. Naar verluidt beschikt ILVO over alle troeven om te fungeren als proeftuin voor multidisciplinaire, praktijkgerichte innovaties in de landbouw- en voedingssector. “Met onze nieuwe toekomstvisie als leidraad en door meer en meer in te spelen op Europese onderzoeksgeld zijn we meer dan ooit gewapend om de uitdagingen binnen het landbouw- en voedselsysteem te lijf te gaan”, besluit administrateur-generaal Joris Relaes.

Meer info: ILVO-activiteitenverslag 2017
Bron: VILT