Pers en media

ILVO persbericht - vrijdag 27 januari 2012

Melkveecafés over ondernemerschap

De ‘ondernemersscan’ van ILVO (Instituut voor Landbouw- en Visserijonderzoek) is door de bedrijven zelf (in dit geval melkveehouders) als een interessant werkmiddel bestempeld om ervaringen uit te wisselen en mogelijkheden tot verbetering te vinden. Dat bleek tijdens het 8ste melkveecafé.

Het systeem van de melkveecafés wordt sinds 2 jaar uitgetest als een werkmethode om landbouwers zelf aan verduurzaming te laten werken, onder begeleiding van experts. Het is de afdeling Monitoring en Studie (AMS) van het Departement Landbouw en Visserij die de cafés organiseert. Bedoeling is om een gestroomlijnd en efficiënt leerproces i.v.m. nieuwe kennis en competenties op gang te brengen, want dat bewerkstelligt duurzame productie. De proefkonijnen zijn een tiental melkveehouders in Antwerpen en Oost-Vlaanderen. Tijdens het jongste ‘café’ ging het over verschillende aspecten van duurzaam ondernemerschap. ILVO (eenheid Landbouw en Maatschappij) ontwikkelde een tijd geleden een ‘ondernemersscan’, op basis van een workshop met een 25-tal landbouw-betrokken organisaties (voorlichters, bankadviseurs, beleidsmedewerkers, landbouwers, …). De scan is in staat om de sterke en zwakke punten van een ondernemer (hier dus melkveehouder) bloot te leggen. Hij is ook erg bruikbaar als een middel tot kritische zelfreflectie.


De ondernemersscan behandelt een 8-tal deelaspecten. Het eerste is Visie en strategie, een aspect dat vooral betrekking heeft op de lange termijn. Een goede ondernemer durft te denken en kijkt vooruit. Weten waar je naartoe wil met het bedrijf is cruciaal in ondernemerschap. Duurzame ondernemers houden daarbij niet enkel rekening met economische factoren, maar stellen ook sociale en ecologische doelstellingen voorop naargelang van de wensen en noden van de maatschappij. Uit de melkveecafés bleek duidelijk dat de ontwikkelingsrichting van elk bedrijf anders is en afhankelijk is van de eigen bedrijfssituatie, de omgeving van het bedrijf, de marktsituatie en de doelstellingen en mogelijkheden van de ondernemer.

Planning, organisatie, opvolging en evaluatie als volgende thema zijn een belangrijk onderdeel van het managementproces van een bedrijf, en hebben niet enkel betrekking op productie en arbeid, maar ook op de financiële en commerciële aspecten van het bedrijf. Deelname aan de melkveecafés is een middel bij uitstek voor evaluatie en onderlinge vergelijking van zowel economische als ecologische kengetallen.

Een melkveehouder loopt heel wat risico’s, waaronder persoonlijke risico’s (ongevallen of ziekte, brand, enz.), institutionele risico’s (veranderend beleid), financiële risico’s (wijzigende intrestvoeten, onvoldoende liquiditeit, enz.), productierisico’s (ziekten gewassen/dieren, enz.) en prijsrisico’s (wijzigende prijzen van inputs en outputs). In de ondernemerscan wordt gepeild of de melkveehouder zicht heeft op de mate van voorkomen en de gevolgen van die risico’s, en of concrete maatregelen genomen worden om ze te beheersen. Tijdens de melkveecafés wordt duidelijk dat het nemen van risico’s eigen is aan ondernemerschap, maar dat een goed ondernemer verantwoorde en berekende risico’s neemt.

Netwerking en samenwerking zijn belangrijke activiteiten voor de ondernemer. Netwerken zijn een middel voor de melkveehouder om toegang te krijgen tot informatie, hulpbronnen, markten, technologieën,… De netwerkstructuur heeft een grote invloed op de diversiteit aan informatie bij het nemen van bedrijfsbeslissingen, waarbij een groter netwerk van personen die niet met elkaar verbonden zijn toegang geeft tot meer diverse informatie. Samenwerking kan verschillende vormen aannemen; belangrijk is dat tijdens de melkveecafés wordt gesteld dat samenwerking loont en aangemoedigd moet worden. Deze samenwerking kan gebeuren met collega’s landbouwers, onderzoeksinstellingen, innovatiecentra,… Vertrouwen tussen de partners is daarbij van cruciaal belang.

Opportuniteiten erkennen en benutten, of ‘pro-activiteit’ betekent sneller dan anderen inspelen op nieuwe ontwikkelingen; bij de eersten zijn om nieuwe initiatieven te nemen en nieuwigheden te introduceren. Dit heeft als voordeel dat zogenaamde ‘first mover advantages’ (hogere prijs) verkregen worden. Nadelen zijn meer risico’s en kosten voor het experimenteren die imiterende bedrijven kunnen kopiëren zonder die risico’s en kosten te moeten dragen. Een aantal melkveehouders die deelnamen aan de melkveecafés gaven aan ‘pro-actief’ te zijn, maar de meerderheid van de deelnemende melkveehouders was veeleer behoudsgezind.

Zoek- en leergedrag beïnvloedt het proces van erkennen van opportuniteiten en de ontwikkeling van ondernemerscompetenties. Over het algemeen maken de deelnemende melkveehouders slechts matig gebruik van externe informatiebronnen. Door deel te nemen aan de melkveecafés gaven ze echter blijk van hun wil om bij te leren en hun ondernemerscompetenties te verbeteren.

Innovatie is een belangrijke bron voor het creëren van competitief voordeel. Innovatoren moeten kunnen omgaan met een hogere graad van onzekerheid over de innovatie op het tijdstip van introductie en moeten bereid zijn om occasionele tegenslagen te incasseren als de innovatie niet succesvol blijkt te zijn. De aanwezige melkveehouders erkennen het belang van innovatie. De soort innovatie is echter afhankelijk van de bedrijfsstrategie en -omstandigheden, en blijkt voor elk bedrijf anders te zijn.

Het laatste thema Vakmanschap, in de zin van ‘technische expertise’ en ‘productiegericht zijn’, blijft een noodzakelijke doch geen voldoende voorwaarde om te concurreren in de huidige competitieve omgeving. Heel wat deelnemende melkveehouders scoren hoog op dit thema en koppelen het aan ‘arbeidsvreugde’, hetgeen een belangrijke motiverende factor is om hun beroep te blijven uitoefenen. De meesten onder hen zijn zich er echter van bewust dat vakmanschap alleen niet voldoende is.
Een aanwezige melkveehouder concludeert: “De ondernemerscan geeft niet enkel inzicht in mijn sterke en zwakke punten als ondernemer, maar is een goede basis voor het uitwisselen van ervaringen met collega’s en het vinden van aanknopingspunten voor verbetering”.

Contactpersoon bij ILVO: Nicole.Taragola@ilvo.vlaanderen.be