Pers en media

VILT - maandag 21 september 2015

Helder verdienmodel kan agroforestry doen doorbreken

Het gezegde ‘boompje groot, plantertje dood’ indachtig werpen we in de jongste geVILT een kritische blik op het verdienmodel achter agroforestry. Door op eenzelfde perceel een landbouwgewas te combineren met een aanplanting van bomen kan je in theorie een beter resultaat bekomen. “Agroforestry doet qua opbrengst van biomassa (minstens) even goed als bos- en landbouw elk apart. Alleen vertaalt zich dat niet noodzakelijk in een hoger financieel rendement”, vertelt ILVO-onderzoeker Bert Reubens. Daarom focust een vijfjarig IWT-onderzoeksproject rond de toepassing van agroforestry in Vlaanderen niet alleen op de teelttechniek maar ook op het economische plaatje. Is er vraag naar relatief kleine partijen hout? Of kan je hoogstamfruitbomen planten om in afwachting van de houtproductie alvast de vruchten de oogsten?

Op een agroforestryperceel worden de bomen en het landbouwgewas als gelijkwaardige teelten beschouwd. Agroforestry zorgt voor een ecologische en landbouwkundige meerwaarde door het aantrekken van natuurlijke vijanden voor plaagbeheersing, het vasthouden van nutriënten die na bladval vrijkomen voor de volgende teelt, het verhogen van het organische stofgehalte in de bodem, het beschermen van teelten tegen hevige wind en bodemerosie, enz. De bomen beïnvloeden de opbrengst van het landbouwgewas negatief omdat ze beslag leggen op een deel van de grond. Ook is de gewasopbrengst vlakbij de bomen lager door de concurrentie om licht, water en nutriënten. Daartegenover staat een besparing op externe inputs en een extra opbrengst die gerealiseerd wordt bij het kappen van de bomen.

Landbouwers die in Vlaanderen met agroforestry willen starten, worden niet aan hun lot overgelaten. Omdat het een teeltsysteem is dat nog in de kinderschoenen staat, kunnen zij aanspraak maken op een subsidie waarmee tot 80 procent van de kosten van een aanplanting terugbetaald worden. Bovendien ging vorig jaar een vijfjarig IWT-onderzoeksproject van start ter ondersteuning van boslandbouwers. ILVO, Universiteit Gent, het West-Vlaamse praktijkcentrum Inagro, het agrobeheercentrum Eco² en de Bodemkundige Dienst van België bouwen kennis op om die vervolgens te delen met landbouwers.

Een aantal pioniers in Vlaanderen hebben niet gewacht op die wetenschappelijke ondersteuning en de sprong op eigen houtje gewaagd. Sedert 2012 deden 23 landbouwers een betalingsaanvraag. Het aantal landbouwers dat de voorbije jaren interesse toonde in de aanplantsubsidie lag hoger (35) maar niet iedereen ging effectief tot aanplanting over. Tot op heden is er 52,3 hectare aangeplant met Vlaamse en Europese steun. Anderzijds zijn er sedert 2010 ook bomenrijen op minstens een 30-tal hectaren aangeplant zonder dat de initiatiefnemers beroep deden op de subsidie.

De jongste inschrijving op de aanplantsubsidie is afgesloten op 18 september. Met tien nieuwe kandidaat-boslandbouwers lijkt alle sensibilisering rond dit teeltsysteem zijn vruchten af te werpen, te meer omdat de nieuwe lichting kandidaten er zoveel vertrouwen in heeft dat zij meteen grotere percelen omschakelen. Samen zouden zij het areaal agroforestry in Vlaanderen tijdens het plantseizoen 2015-2016 met meer dan 40 hectare kunnen doen stijgen. De projectpartners ervaren dat de interesse in boslandbouw stijgt, hoewel de meeste landbouwers zich nog laten afschrikken door het economisch aspect of door onzekerheid omtrent de regelgeving.

Bij de pioniers die hun plannen doorzetten, is de motivatie zelden puur economisch. Ook de landschappelijke en ecologische meerwaarde spelen mee in hun beslissing. “Voor het gros van de landbouwers is agroforestry door die niet-economische overwegingen een grote stap”, erkent projectcoördinator Bert Reubens (ILVO), “maar de economische meerwaarde moet duidelijker worden door het doctoraatsonderzoek van mijn collega Lieve Borremans. Uit de interviews die zij met de verschillende partijen heeft, leren we bijvoorbeeld dat er een groot tekort aan hout, vooral populierenhout, is in Vlaanderen. Daarom zijn zelfs enkele tientallen bomen uit een agroforestryperceel voor een bosbouwer-aankoper al de moeite waard.”

Meer weten? Lees geVILT ‘Verdienmodel achter boslandbouw oogt fragiel maar niet surrealistisch’.

Bron: VILT