Pers en media

Rapport - donderdag 14 november 2019

Stikstofbemesting in vollegrondsgroenten: een economische - ecologische benadering

rapport stikstofbemesting VLMDe tot nu toe geleverde inspanningen door landbouwers en tuinders hebben de kwaliteit van het oppervlakte - en grondwater al gevoelig verbeterd, maar stikstofverliezen uit landbouwpercelen blijven in sommige gebieden - vnl. met groenten - nog steeds een probleem. Omwille van het gevoel dat een verlaging van de stikstofbemestingsdosis de opbrengsthoeveelheid en/of –kwaliteit kan verminderen, worden hoge stikstofbemestingsdosissen aan groenten toegediend die vaak in hoge minerale stikstofhoeveelheden in de bodem bij de oogst resulteren.
Bij een verhoging van de stikstofbemesting van lage naar optimale hoeveelheden blijft de hoeveelheid nitraatstikstof die na de teelt in de bodem achterblijft voor de meeste teelten vrij constant. Dit noodzakelijke nitraatstikstofresidu is gewasafhankelijk en blijft meestal vrij stabiel bij toenemende stikstofbemestingsdosissen tot een bepaald breekpunt waarna het nitraatstikstofresidu stijgt. Boven het breekpunt verhoogt het risico van nitraatuitspoeling.
Een te hoge stikstofbemestingsdosis kan ook een negatief effect hebben op opbrengsthoeveelheid en –kwaliteit vb. ziektegevoeliger, ongewenste nitraattoename, voornamelijk bij bladgewassen, en daling van de houdbaarheid.
Om een economisch en ecologisch optimum te vinden, moet er rekening gehouden worden met zowel de opbrengsthoeveelheid en gewaskwaliteit als de nitraatstikstofhoeveelheid in de bodem bij de oogst. Vijfennegentig procent van de maximale vermarktbare opbrengsthoeveelheid wordt als een voorzichtige benadering gezien om stikstofbemestingsdosissen toe te dienen die zowel op economisch als op ecologisch vlak verantwoord zijn.

Stikstofbemesting in vollegrondsgroenten: een economische - ecologische benadering