Pers en media

ILVO persbericht - maandag 17 september 2018

Klimaatnieuws: Methaanuitstoot van de Vlaamse melkveebedrijven kan met één derde verminderen.

Vandaag kan melk in Vlaanderen drastisch klimaatvriendelijker worden geproduceerd, als de nieuwste producten en strategieën uit het wetenschappelijk onderzoek zouden worden uitgerold in de praktijk.
Het ILVO-team klimaat & landbouw is er de afgelopen 4 jaar in geslaagd om de methaanuitstoot per liter melk met minstens één derde te verminderen, tijdens een hele reeks proeven in de eigen proefstal. Dat is een opmerkelijk en hoopgevend resultaat.
Het Instituut voor Landbouw,- Visserij- en Voedingsonderzoek (ILVO) zet de jongste jaren zeer sterk in op mogelijke, haalbare klimaatmaatregelen voor de landbouwsector. Met een duidelijk accent op methaan, een broeikasgas dat door herkauwers (koeien, schapen, geiten) tijdens het herkauwen wordt uitgestoten.
ILVO onderzocht in de melkveehouderij drie denkpistes: een andere samenstelling van het voederrantsoen, de beïnvloeding van de methaanproductie door de pensflora door additieven en een klimaatgunstiger bedrijfsmanagement.
‘In elk van deze strategieën is er al klimaatwinst geboekt. De combinatie is nog niet uitgetest, maar zeker wel realistisch én ze staat gepland in verder onderzoek.’ zegt Sam De Campeneere, coördinator ILVO-Expertisecentrum Landbouw & Klimaat.

Methaan is een 28 keer ‘straffer’ broeikasgas dan CO2, maar raakt in de atmosfeer wel 10 keer sneller afgebroken (in 12 jaar in plaats van CO2 in 100 à 200 jaar). Methaanuitstoot is momenteel goed voor 49% van de broeikasgassen uitgestoten door de Vlaamse landbouwsector. De rest is lachgas (25% ) en CO2 (26%). Runderen zijn binnen de sector de voornaamste bron van methaan – het gas ontstaat bij de vertering van (ruw)voeder in de pens en wordt opgerispt en uitgeademd.
Vlaams Milieurapport (2017): ‘De (hele) landbouw veroorzaakt 8% van de totale hoeveelheid klimaatuitstoot in Vlaanderen.’ De EU vraagt dat landbouwsector 30% klimaatvriendelijker wordt tegen 2030 (ref.jaar 2005).

methaanuitstoot koe

Bewezen verminderingsstrategieën

  1. SAMENSTELLING RANTSOEN
    Tijdens het VLAIO LA project SMARTmelken experimenteerde ILVO met een aangepast rantsoen voor de melkkoeien. De klassieke fractie sojaschroot werd vervangen door de lokale reststromen uit de voedingssector bierdraf en koolzaadschroot. Lacterende koeien gingen daardoor 15% minder methaan uitstoten per liter geproduceerde melk. Dorien Van Wesemael (ILVO): ’Een bijkomend klimaatvoordeel is dat de koolstofvoetafdruk (CO2) van het rantsoen verlaagt, doordat er soja verdwijnt. Maar dat effect zit niet mee in onze cijfers, omdat een dergelijke ingreep niet in de lokale klimaatboekhouding kan worden opgenomen.’

  2. METHAAN REMMENDE MIDDELEN VOOR DE PENSFLORA
    Met zijn in 2011 geïnstalleerde GUK meetkamers (GasUitwisselingsKamers) en GreenFeeds testte ILVO ongeveer 15 mogelijke voederadditieven, die de methanogene bacteriën in de pens (1e maag) van de koe blijvend gunstig en zonder bijwerkingen zouden beïnvloeden. Nico Peiren (ILVO): ‘Het beste tot nu toe is een molecule ontwikkeld door de internationale additieven- en vitamineproducent DSM. We registreerden verlagingen van de methaanuitstoot van makkelijk 20 à 25% en er is geen afzwakking te constateren door langdurig gebruik. Andere studies buiten ILVO met hetzelfde additief tekenden reducties op tot soms zelfs meer dan 50%. Het is een realistische verwachting dat een dagelijks toegediend additief de methaanuitstoot in de Vlaamse melkveestallen kunnen verminderen met één vijfde tot een kwart.’ Het product is momenteel nog niet op de markt.

  3. BEDRIJFSMANAGEMENT
    Elk rund op een melkveebedrijf, lacterend of niet lacterend, stoot dagelijks zijn hoeveelheid methaan uit tijdens de vertering. Het project ‘Doelgericht verlengen van levensduur melkvee’ (iov Dep. Landbouw en Visserij, door Inagro, Hooibeekhoeve en ILVO) toont twee management effecten die samen zeker 11% minder methaanuitstoot van het bedrijf opleveren (opnieuw omgerekend tot gram methaan per liter geproduceerde melk). Leen Vandaele (ILVO): ‘We streven naar iets jonger afkalven (de koe krijgt al haar eerste kalf vb. op een leeftijd van 24 ipv op 26 maanden). En naar het langer fit houden van de melkkoeien, want dan hoef je minder (niet-lacterend) jongvee te hebben en verkrijg je een lager vervangingspercentage. ‘ Het resultaat van deze verbeteringen in het management van de landbouwbedrijven geeft een duidelijk ecologisch én financieel voordeel, en dus ook een gunstig klimaateffect.

Waarom “één derde”? Correcte berekening gebeurt stapsgewijs

ILVO komt aan één derde na volgende redenering: Gesteld dat de totale uitstoot op een bedrijf VOOR het invoeren van de drie maatregelen gelijk staat met 100 eenheden. Dan daalt die uitstoot door een klimaatgunstiger management met 11 eenheden tot 89. De andere twee reductiestrategieën (additief en beter rantsoen) beperken we tot dat deel van de kudde dat melk geeft – ongeveer 70% - omdat de ILVO-proeven enkel gebeurden met lacterende koeien. 70% van 89 is 62. Op die 62 reduceren we eerst door het aangepast rantsoen: 15% van 62 is 10,5. Ten slotte berekenen we het effect van het additief op de resterende eenheden: 25% van 52,5 is 13%. Conclusie: de vandaag theoretisch haalbare vermindering van methaan van een gewone Vlaamse melkveekudde is 11 + 10,5 + 13 = 34,5%. En dat bij een gelijk blijvende hoeveelheid geproduceerde melk en zonder dat de effecten afnemen in de tijd.

Verder onderzoek?

Het effect van de maatregelen 1 en 2 op niet-lacterende koeien moet nog in kaart komen. De kennis van de precieze bacteriële werking in de pens kan zeker ook nog verder ontwikkelen. En het effect van de combinatie(s) van de 3 denkpistes dient verder becijferd. Sam De Campeneere (ILVO): “We blijven inzetten op ons onderzoek naar mogelijke methaanreductie.”

Contact

Greet Riebbels, ILVO communicatie, Greet.Riebbels@ilvo.vlaanderen.be, M 0486 26 00 14
Sam De Campeneere, expertisecentrum Landbouw & klimaat, tevens hoofd onderzoeksteam dierlijk onderzoek, Sam.Decampeneere@ilvo.vlaanderen.be, M 0476 57 49 88