EN
Zoek
Site map | Login

Vissilage: rendabele eiwitbron in dierenvoeder?

VALORISEREN VAN RESTSTROMEN UIT DE BELGISCHE VISSERIJ

Een groot deel van de resten uit de visverwerkende industrie zoals koppen, huiden en ingewanden, wordt momenteel onderbenut (afval/biogas). Tevens zal de recent ingevoerde aanlandplicht leiden tot een toename in reststroomvolume, voornamelijk in de vorm van ondermaatse quotasoorten. Deze nieuwe aanvoer mag volgens de wet niet voor directe humane consumptie verkocht worden. Het doel van dit onderzoek is om een realistische oplossing te vinden voor het valoriseren van deze reststromen. De piste waarvoor gekozen is onderzoekt of vissilage als vismeelvervanger gebruikt kan worden in dierenvoeders en of het mogelijk is om dit op een rendabele manier te produceren in België.

CASE STUDY: VLAAMSE VISSILAGE ALS EIWITBRON IN GARNALENVOEDER

Vissilage wordt beschouwd als een efficiënte techniek om visresten te stabiliseren. Hierbij wordt een organisch zuur toegevoegd aan de gehomogeniseerde visresten om de pH te verlagen en een antimicrobiële omgeving te creëren. Lichaamseigen enzymen hydrolyseren vervolgens de visresten, dit leidt tot een nutritionele semi-vloeibaar product dat o.a. eiwitten, peptiden en aminozuren bevat. Het produceren van vissilage is een relatief goedkoop en simpel proces en kan al rendabel zijn met lagere reststroomvolumes, in tegenstelling tot vismeelproductie. Het doel van dit onderzoek is om de productie van vissilage te bestuderen, te optimaliseren, en vervolgens toe te passen als eiwitbron in voeder voor garnalen.

ONDERZOEK EN RESULTATEN

De nutritionele eigenschappen en de stabiliteit van de vissilage werden bepaald over 3 maanden. Resultaten tonen dat de vissilage van goede kwaliteit is. Met een eiwitgehalte van gemiddeld 64,3% (droge stof basis) is het vergelijkbaar met de gemiddelde vismeel (65%). Tevens is de vissilage een goede bron van essentiële aminozuren en onverzadigde vetten. Er werd tijdens het experiment wel een langzame daling in nutritionele kwaliteit vastgesteld. Dit werd waarschijnlijk veroorzaakt door het hydrolyse proces, wat uiteindelijk leidde tot een verlies van aminozuren en onverzadigde vetten. Daarnaast bevatte de vissilage ook een hoog vochtgehalte, dit maakt het lastig om te concurreren met het bestaande vismeel. De resultaten van dit onderzoek zijn recentelijk gepubliceerd.

Momenteel worden er gegevens verzameld over het optimaliseren van de vissilage en het proces. Hiervoor word er een pasteurisatiestap toegevoegd om de hydrolyse en nutritioneel verlies in de vissilage te beperken. Ook word er een droogstap aan toegevoegd. Het drogen van de vissilage gebeurt met het Dry-On-Water techniek, beschikbaar via de Food Pilot (http://www.foodpilot.be/). Tegelijkertijd worden er ook experimenten gedaan met vissilage als eiwitbron in garnalenvoeder. Hiervoor word vismeel in verschillende mate vervangen door vissilage en worden er groei experimenten uitgevoerd om de optimale inclusieniveau van vissilage te bepalen. Resultaten van deze experimenten zullen vanaf begin 2018 beschikbaar zijn.

Meer info: mike.vantland@ilvo.vlaanderen.be, els.vanderperren@ilvo.vlaanderen.be

© Bio-economie | Contact Webmaster.