Nieuwsoverzicht

Huidige artikelen | Categories | Zoek

Nieuwsgolf december 2017

Hoop op herstel. De huidige status van de bodemfauna in de mariene bodembeschermingszones van de Vlaamse Banken.

In de toekomst zullen enkele zones in ons deel van de Noordzee beschermd worden tegen bodemverstoring, met het oog op herstel van de lokale bodemgemeenschappen. Maar hoe ziet die bodem er nu uit? En hoe is het gesteld met de fauna die er nu leven? ILVO en KBIN onderzochten de toekomstige beschermingszones en zien potentieel voor herstel.

bodemfauna

In het Marien Ruimtelijk Plan zijn binnen het Natura 2000-gebied “Vlaamse Banken” twee bodembeschermingsgebieden afgebakend. Die zullen in de toekomst worden gevrijwaard van activiteiten die de bodem verstoren of beschadigen. Het ene gebied ligt in de kustzone, waar vooral slib en zand te vinden is en een biologisch waardevolle bodemgemeenschap. Het andere gebied ligt verder van de kust, in een zone met grind die een fragiele levensgemeenschap herbergt. Om in de toekomst de effecten van de bescherming te kunnen evalueren, werd de huidige toestand van de bodem en de ecologie in beide gebieden gedetailleerd beschreven. De opdracht kadert binnen de afspraken omtrent de visserijmaatregelen die vastgelegd zijn in het Belgisch Marien Ruimtelijk Plan (MRP) en de verplichtingen die voortvloeien uit de Europese Kaderrichtlijn Mariene Strategie (KRMS).

De methodologie voor staalname werden afgestemd op het type substraat in elke zone. In de kustzone (zone 1 van het MRP) werden sedimentkarakteristieken en fauna beschreven op basis van stalen genomen met een Van Veen grijper. De grindzone (zone 3 van het MRP) werd in kaart gebracht met multi-beam technnologie. Zowel de bodemfauna als de fauna die vastgehecht leeft op stenen werden bemonsterd, met een combinatie van technieken. Uit de resultaten blijkt dat de kustzone gekenmerkt wordt door een Abra alba-gemeenschap met een hoge soortendiversiteit, densiteit en biomassa. De KRMS-indicatoren scoren goed, ondanks de relatief hoge visserijdruk in het gebied. De soortenrijkdom en dichtheid neemt wel af met toenemende visserijdruk, wat suggereert dat de fauna zal evolueren naar een betere toestand als de bodemberoering wordt uitgesloten. De ecologische toestand in de grindzone is minder goed: daar werden typische soorten verwacht die leven op harde substraten, zoals sponzen, mosdiertjes, mosselen en zachte koralen. De meest fragiele soorten werden echter niet aangetroffen in het gebied, en mosselen en zachte koralen (dodemansduim) kwamen voor als kleine, onvolgroeide kolonies. In deze zone werd in één geul een rijke grindzone waargenomen, in twee andere geulen was het grind onregelmatig verspreid. In dit gebied is duidelijk potentieel voor herstel van fragiele soorten bij uitsluitsel van bodemberoering.

Deze studie vormt de baseline voor potentieel herstel wanneer de beschermingsmaatregelen in voege treden. De impact van de visserijmaatregelen zal opgevolgd worden via een monitoringsprogramma. In de grindzone (zone 3)- zullen alle bodemberoerende technieken volledig worden geweerd; in de kustzone (zone 1) zal nog in beperkte mate garnaalvisserij kunnen doorgaan, maar enkel met een boomkor uitgerust met rolsloffen.

Project: Analyse van de huidige status van de bodemfauna in de bodembeschermingszones van de Vlaamse Banken.
Samenwerking: KBIN - OD Natuur
Financiering: Federale Overheidsdienst Volksgezondheid, Veiligheid van de Voedselketen en Leefmilieu
Contact: Gert.VanHoey@ilvo.vlaanderen.be