Probleemstelling
Hoewel de laatste ontwikkelingen op het vlak van ICT heel wat mogelijkheden bieden voor het ondersteunen van de bedrijfsvoering van tuinbouwbedrijven, kan worden vastgesteld dat deze niet altijd optimaal worden benut. Teneinde hierin meer inzicht te bekomen werd een enquête over het ICT-gebruik uitgevoerd bij 208 Vlaamse professionele tuinbouwbedrijven. De steekproef bestaat uit 62 sierteeltbedrijven, 64 glasgroentebedrijven, 29 bedrijven met groenten in lucht en 53 bedrijven met blijvende teelten (o.a. boomkwekerijen, fruitbedrijven). Speciale aandacht wordt besteed aan het internetgebruik. Hierbij wordt de invloed nagegaan van de persoonskarakteristieken van de bedrijfsleider (biografische en sociale karakteristieken, communicatiegedrag) en de bedrijfsgrootte op het gebruik van vijf groepen internettoepassingen: algemene toepassingen, algemene management informatie, gespecialiseerde management informatie, informatie over outputprijzen en opbrengsten en ‘e-commerce’.
Gebruikersfrequentie van internet
De resultaten van de enquête tonen aan dat 64 % van de tuinbouwbedrijven met internetgebruik voor bedrijfsdoeleinden het minder dan 3 uren per week gebruiken (laag gebruik), 17 % tussen 3 en 5 uren (middelmatig gebruik) en 19 % meer dan 5 uren per week (hoog gebruik). Er wordt geen statistisch significant verband gevonden tussen de frequentie van internetgebruik enerzijds en de persoonskarakteristieken van de bedrijfsleider (leeftijd, opleiding) en de bedrijfskarakteristieken (bedrijfstype, bedrijfsgrootte, moderniteit van het bedrijf) anderzijds.
Internettoepassingen
De gemiddelde Vlaamse tuinbouwer maakt weinig gebruik van internettoepassingen. Een belangrijke uitzondering hierop is internetbankieren, hetgeen heel wat voordelen biedt op het vlak van tijd- en kostenbesparing en gebruiksgemak. Er wordt echter weinig gebruik gemaakt van internet voor het opzoeken van informatie. De belangrijkste informatie die wordt geraadpleegd via het internet is informatie over marktprijzen, opbrengsten van outputs en weersvoorspellingen. Meer dan de helft van de ondervraagden consulteert nooit websites van de overheid of van onderzoeksinstellingen. Een minderheid maakt gebruik van ‘e-commerce’ voor de aankoop van benodigdheden of de verkoop van hun producten. De meerderheid van de ondervraagde tuinbouwers heeft geen idee of er voldoende informatie beschikbaar is op het internet voor de verschillende toepassingen. 30 % van de respondenten zou bereid zijn om te betalen voor websites waar ze hun eigen producten kunnen adverteren, lokale weersvoorspellingen kunnen raadplegen of gedetailleerd advies kunnen vinden met betrekking tot hun eigen producten.
Beïnvloedende factoren
Internetgebruik kan enkel gestimuleerd worden indien men weet welke factoren het gebruik van de verschillende internettoepassingen beïnvloeden. Teneinde de invloed na te gaan van de persoonskenmerken van de bedrijfsleider en de bedrijfskenmerken werden deze gereduceerd tot vijf dimensies door middel van categorische principale componentenanalyse (CATPCA), resulterend in de dimensies ‘open bedrijfsleider die actief zoekt naar informatie’, ‘toekomstgerichtheid: jonge leeftijd, hoge opleiding, aanwezigheid van opvolger’, ‘open zijn voor risico’s en een positieve attitude ten aanzien van milieuvriendelijke productie’, ‘zoeken naar specifiek bedrijfsadvies’ en ‘landbouw- of tuinbouwopleiding, aangevuld met bijkomende cursussen ’.
Resultaten
De resultaten van het onderzoek tonen aan dat de persoons- en bedrijfskarakteristieken niet even belangrijk zijn voor elke toepassing. De dimensie ‘open bedrijfsleider die actief zoekt naar informatie’ vertoont een significante positieve invloed voor alle onderzochte internettoepassingen, met uitzondering van ‘e-commerce’. Men kan veronderstellen dat bedrijfsleiders met een open communicatiegedrag ervan overtuigd zijn dat het zoeken naar informatie belangrijk is voor het nemen van betere managementbeslissingen. De dimensie ‘toekomstgerichtheid’ vertoont een significant positief effect op het gebruik van algemene toepassingen, zoals internetbankieren en het raadplegen van weersvoorspellingen. Deze dimensie is ook zwak significant voor het gebruik van ‘e-commerce’. Dit betekent dat de kans voor het gebruik van deze toepassingen hoger is voor jonge en betere opgeleide bedrijfsleiders of bedrijven met een opvolger. In tegenstelling tot het opzoeken van informatie via internet zijn deze algemene internettoepassingen meer gerelateerd aan de dagelijkse of operationele activiteiten van de bedrijfsleider. Men kan aldus verwachten dat de positieve invloed van de dimensie ‘toekomstgerichtheid’ te maken heeft met het feit dat jonge en beter opgeleide bedrijfsleiders meer vertrouwd zijn met het gebruik van computers. De dimensie ‘open zijn voor risico’s en een positieve attitude ten aanzien van milieuvriendelijke productie ‘ heeft een significant positieve invloed op het gebruik van ‘e-commerce’. De dimensie ‘landbouw- of tuinbouwopleiding, aangevuld met bijkomende cursussen ’ vertoont geen significante invloed op het gebruik van de onderzochte internettoepassingen, behalve op het gebruik van ‘e-commerce’. De positieve impact van opleiding komt hier op de voorgrond. Voor wat betreft de bedrijfskarakteristieken wordt een positieve invloed gevonden van de bedrijfsgrootte op het gebruik van internet voor het opzoeken van gespecialiseerde managementinformatie, samen met een zwak significante invloed op het gebruik van ‘e-commerce’. Er kan verondersteld worden dat grotere bedrijven een groter voordeel hebben van het gebruik van deze internettoepassingen omwille van schaaleffecten.
Conclusie: attituden bedrijfsleider spelen grote rol
Er kan besloten worden dat de attituden van de bedrijfsleider een grote rol spelen voor het gebruik van de meeste internettoepassingen. Bedrijfsleiders met een open communicatiegedrag hebben een grotere kans om internet te gebruiken voor het opzoeken van informatie. Uit het onderzoek blijkt dat heel wat tuinbouwers nog geen inzicht hebben in de mogelijkheden van internetgebruik voor het creëren van waarde voor hun bedrijf. Ontwikkeling van menselijk kapitaal lijkt dan ook essentieel om dit inzicht te verhogen, en het internetgebruik te stimuleren. Daartoe zal het van belang zijn om de nodige opleidingsmogelijkheden te voorzien. Zowel basisopleidingen als meer gevorderde opleidingen zijn hierbij van belang. Ook het ontwikkelen van een portaalwebsite voor de Vlaamse tuinbouw wordt gezien als een mogelijke stimulans voor de toekomst.
Contactpersoon
Nicole Taragola
Referenties
Taragola N., Van Lierde D., Gelb E. (2009). Information and communication technology (ICT) adoption in horticulture : Comparison of the EFITA, ISHS and ILVO questionaires. Acta Horticulturae nr. 831, 73 -82
Taragola N.M., Van Lierde D.F. (2010). Factors affecting the internet behaviour of horticultural growers in Flanders, Belgium. Computers and Electronics in Agriculture, vol. 70, issue 2, 369 -379